Categorieën

WECK: de glasfabriek WECK

DE GLASFABRIEK WECK: REEDS 100 JAAR AANWEZIG OP DE MARKT VAN BOKALEN EN INMAAKPOTTEN!

Bocal Weck

 

 

 

Evolutie van de sterilisatie - Geschiedenis van de firma WECK

Het probleem hoe men voedsel kon opslaan, en in het bijzonder hoe men voedsel kon bewaren, is steeds een essentiële vraag geweest, die de mens van alle tijden bezig hield. Een voedselvoorraad aanleggen gaf de mens de verzekering dat hij nooit honger zou moeten lijden in tijden van schaarste of hongersnood.

 

Bewaarmethodes in de Oudheid en in de Moderne Tijden.

 

Reeds lang voordat de WECK-sterilisatiemethode de eerste plaats zou innemen onder de bewaarmogelijkheden van het voedsel, zocht de mens naar andere methodes en technieken om zijn voedsel te bewaren. Zo werden reeds vanaf het allereerste begin de voedingswaren, hetzij gedroogd in de schaduw of in volle zon, hetzij gezouten of gepekeld, of ook nog ondergedompeld in water waaraan men zout, azijn of suiker toevoegde.

De Romeinse schrijver en dichter Varro, die leefde van 116 tot 27 v.C., beschreef een methode, die op het eerste zicht gelijkt op een sterilisatiemethode. Maar bij nader inzicht, blijkt het echter een eenvoudige vorm van bewaring van de voedingswaren in een zout- of suikeroplossing te zijn.

Volgens zijn getuigenis, deden de Romeinen van zijn tijd het fruit hetzij in druivensap, dat was ingedikt door te koken, hetzij in een zoutoplossing. Het geheel werd dan bewaard in terra-cotta-kruiken die werden afgesloten met een deksel. Strengen fruit werden ook wel ondergedompeld in kokend pek, daarna ingepakt en in het donker bewaard.

 

Het ontstaan van een belangrijke ontdekking.

 

Het ontstaan van de sterilisatietechniek, en bijgevolg de eigenlijke methode om te steriliseren vinden we maar in de Moderne Tijden.

Het was de natuurkundige, ingenieur en politicus Otto von Guericke, geboren in 1602 in Maagdenburg en in 1686 in Hamburg overleden, die in deze periode een zeer belangrijke ontdekking deed. Zijn invloed op het ontstaan van de sterilisatie was eerder indirect. Hij ontwierp een machine die door wrijving een statische elektrische lading opbouwde. Hij ontdekte de elektrische afstoting, en het verband tussen de luchtdruk en het weer en ontwierp zo de eerste barometer. Maar hij is vooral bekend om zijn experiment van de bekende Maagdenburger halve bollen.

Zijn verdienste bestaat er vooral in dat hij de eerste was die de lucht als een element beschouwde en de thermische uitzetting ervan vastlegde. Hij was de eerste om experimenten te doen met luchtledigheid, toen hij probeerde het effect te meten van de buitendruk op een ruimte, waarin de druk laag of nihil was.

Vooral zijn historisch experiment dat hij vertoonde voor de parlementsleden van Regensburg in 1654 met de bekende “Maagdenburger halve bollen “ is beroemd. Tot grote verbijstering van zijn toeschouwers toonde hij de grootheid en de kracht van de atmosferische druk aan. Guericke was er zich van bewust dat zijn uitvinding een belangrijke waarde had voor de toekomst van de techniek.

Zelf had hij nooit kunnen raden dat hij daarmee een belangrijke stap ontdekt had in het sterilisatie- proces, namelijk het afsluiten van de steriliseerbokalen onder druk.

 

Denis Papin, Franse wetenschapper en fysicus, geboren in 1647 en waarschijnlijk overleden in 1712 in Marburg An der Lahn, heeft de tweede en beslissende stap gezet in de ontdekking van het sterilisatieproces.

Papin, die nauwe vriendschappelijke relaties onderhield met de grote Duitse filosoof en geleerde Leibniz, was naar Marburg gekomen omdat hij er aan de lokale universiteit benoemd werd als professor. Hij kreeg van zijn tijdgenoten de bijnaam “l’homme catastrophe “ maar voltrok toch ontelbare experimenten. Reeds in 1690 maakte hij de eerste lege ruimte met behulp van waterstoom in de bekende “ papiniaanse pot”, een koperen snelkookpan met dikke wanden.

Door deze kookpan te voorzien van een veiligheidsventiel, stelde Papin op eenvoudige wijze vast dat een vloeistof zijn kooktemperatuur niet kan overschrijden, tenzij het deksel hermetisch gesloten is. Denis Papin experimenteerde met de druk in zijn stoompot en verlegde zo het kookpunt van de vloeistof. Oorspronkelijk had hij bij zijn pogingen een glazen recipiënt gebruikt, dat regelmatig smolt of gewoon ontplofte. Papin gaf zijn kookpot de naam “Digester”.

Dank zij een dergelijke kookpan, kon Papin gelei “ met een smaak zonder weerga” en zelfs ook gekookt vlees bewaren. Bij zijn tijdgenoten was hij beroemder met zijn experimenten met de “Digester” dan met zijn andere veel belangrijkere wetenschappelijke verwezenlijkingen die aan de basis van de moderne fysica liggen. Ten tijde van zijn experimenten, bestond de rubberen ring nog niet en de afsluiting van het recipiënt werd verzekerd door een kleefdeeg waarin terpentijn zat.

De pogingen van Papin bleven steken in het stadium van de wetenschappelijke proefneming. Ze werden nooit praktisch toegepast bij het bewaren van voedsel.

Guerickie had dus het luchtdicht afsluiten ontdekt en Papin had gevonden hoe men iets luchtdicht kon maken door middel van stoom. De transformatie van de lucht door de werking van de warmte.

 

Het is in feite François Nicolas Appert, die de tweede stap in het sterilisatieproces ontdekte, nl. hoe men de bacteriën, die verrotting veroorzaken, kan doden.

Hij werd geboren in Châlons sur Champagne in 1749. Onder de naam Franz NIkolaus was hij eerst een tijdje kok aan het hof van hertog Christian IV von Zweibrücken. Daarna vestigde hij zich als patissier-chocolatier in Parijs. Omstreeks 1790 ontdekte hij het principe van de bewaring door warmtebewerking. Hij baseerde zich daarvoor op de essays van de Italiaanse monnik en professor Lazzaro Spallanzani, die leefde van 1729 tot 1799. Deze laatste had in het kader van de voortdurende polimiek omtrent het voorkomen van organismen vanuit dode materie, reeds in 1769 aangetoond in zijn wetenschappelijke hypothese “ sans vie, pas de vie” [ Zonder leven, geen leven ], dat als een recipiënt hermetisch gesloten werd en de vloeistof van een organische materie lang genoeg verwarmd werd, men erin slaagde de ontwikkeling van microben te verhinderen. Ja, men slaagde er zelfs in om alle micro-organismen met zekerheid te doden.

 

Nadat Napoleon door het Directoire op 26 oktober 1795 tot hoofdbevelhebber van het Franse republikeinse leger werd benoemd, stelde de keizer een opmerkelijke daad. Hij loofde voor die tijd een zeer hoge beloning uit –nl. 12.000 goudfranken – aan diegene die een procedé zou vinden om voedsel te bewaren. Het doel daarvan was om de bevoorradingsmogelijkheden van de troepen uit te breiden. Want hij had zelf aan den lijve ondervonden tijdens het beleg van Toulon in 1793, wat het betekende voedsel te kort te hebben. Hij had dus al ervaren hoe noodzakelijk het was om een efficiënte wijze van behoud van de voedselvoorraden te plannen, zodat het leger en de marine overal tijdens hun verplaatsingen over proviand zouden kunnen beschikken.

Op die wijze wou hij voor eens en altijd een toereikende bevoorrading verzekeren, zelfs in onherbergzame streken en in de winter.

In 1810 werd deze premie ook effectief gewonnen, nadat de Franse marine tijdens verschillende zeereizen het conserveren uitgeprobeerd had. De voedingswaren werden geconserveerd met het principe van onderdompeling in kokend water. Maar in die tijd beschikte men enkel over glazen recipiënten die door hun breekbare natuur slechts beperkt bruikbaar waren op de schepen.

 

In 1810 overhandigde Napoleon de premie aan Nicolas Appert.

 

Het was Nicolas Appert, die de premie won om “ De kunst om de originele frisheid van dierlijke of plantaardige voedingsproducten te bewaren “, zoals in de acte vermeld wordt.

Hij werd gevraagd om zijn kennis in een kookboek op te schrijven. Dit boek verscheen reeds in de Duitse versie in 1822 bij de uitgeverij Mörschner en Jasper in Wenen, onder de titel “ De kunst om zonder enig verlies aan frisheid of smaak, alle dierlijke en plantaardige voeding te bewaren : gaande van vlees, gevogelte, wild, vis tot groenten en koeken, over geneeskrachtige kruiden, fruit, vleesgelei en fruitsap.» In 1841 overleed Nicolas Papin in Parijs op de leeftijd van 91 jaar, overladen met allerlei eerbetuigingen.

 

Wat er ook van zij, Appert heeft in de praktijk de ontdekking van Louis Pasteur, Frans chemicus en bacterioloog geboren in 1822 en gestorven in 1895, in de hand gewerkt. Pasteur verwees in zijn wetenschappelijke werken vaak naar de essays van Appert.

Het verschil tussen Appert en Pasteur zit hem in het feit dat Pasteur de gistbacteriën in de lucht ontdekte en hen onschadelijk wilde maken door ze enkele ogenblikken aan een temperatuur van 70° Celsius bloot te stellen. Terwijl Appert door de praktijk en zijn ervaringen vaststelde dat het nodig was de voedingswaren te steriliseren, t.t.z. ze te laten koken op 100° Celsius, wil men ze langdurig bewaren.

Met de ontdekkingen van Guericke en Papin, met de ervaringen van Appert en de wetenschappelijke bevindingen van Pasteur, waren nu alle nodige voorwaarden samen gebracht, opdat nu uiteindelijk het WECK-sterilisatieproces het daglicht zou zien.

 

De problemen en de opdracht die moest worden opgelost, waren gekend. Men moest nu enkel nog alle elementen samen brengen om tot de uiteindelijke ontdekking te komen. Het was de chemicus Dr. Rudolf Rempel uit Gelsenkirchen, geboren in 1859 en overleden in 1893 op 34-jarige leeftijd, die erin slaagde al deze gegevens te combineren en zodoende het sterilisatieproces op punt stelde. Zijn ontdekking werd gebrevetteerd op 24 april 1892.

Zijn echtgenote vertelde later in een zeer mooie brief van 10.6.1939 aan de firma WECK, hoe haar man dit procedé, dat de wereld veroverde, had gevonden: “ Het is nu 50 jaar geleden dat wijlen mijn geliefde echtgenoot, Dr. Rudolf Rempel, die toen chemicus was bij het kooldistillatiebedrijf van Gelsenkirchen, zijn eerste pogingen ondernam. Hij gebruikte bokalen van chemische laboratorium –poeders, waarvan de boorden glad waren. Hij bedekte de bokalen, die gevuld waren met voedingswaren, met een rubberen ring en een blikken deksel en dompelde ze onder in kokend water, nadat hij een zwaar voorwerp ( een steen of een gewicht) op het deksel van elke bokaal had gelegd.

De gesteriliseerde melk die hij enkele maanden later tijdens een bezoek aan het laboratorium in zijn koffie deed, getuigde van een merkwaardige versheid.

Toen kwamen bij ons thuis op zondag, de rustdag de experimenten met het fruit en de groenten die wij plukvers uit onze tuin haalden. Op het keukenaanrecht maakte ik de bokalen glad met een schuurmiddel, wat geen eenvoudige werkje was, en wij probeerden op alle mogelijke manieren mooi fruit en groenten te steriliseren. Dikwijls sloten de bokalen niet, maar diegene die hermetisch afgesloten bleven, hielden het merkwaardigerwijze goed. Zodoende dienden we een apparaat te ontwikkelen die de deksels op de bokalen hield tijdens het kookproces. Een apparaat waarin we de bokalen vast vezen om te kunnen koken, moesten we al vlug laten vallen omdat er zoveel mislukkingen waren. Daarop ontwikkelden we een apparaat dat de bokalen dicht hield door middel van een drukveer, maar ook deze pogingen gaven geen overtuigend resultaat.

Ik maakte voor ons zeker wel 80 à 100 conserven van fruit en groenten, en het was pas na veel zondagen dat erin slaagde aan mijn conserven een mooi uitzicht te geven.

Op een dag hadden we de raadgevend ingenieur Dr. Otto Sack uit Leipzig te gast. Hij hield een voordracht voor het technisch comité omtrent de nieuwe wet die de brevetten en de bescherming van de gedeponeerde merken regelde. Mijn man was voorzitter van dit comité. Toen Dr. Sack onze veelkleurige bokalen opmerkte, was hij uiterst enthousiast en vertrouwde mijn man toe:” U hebt een belangrijke ontdekking gedaan. Tot op vandaag is er geen enkele steriliseermethode die ten volle lukt, buiten die in blik.”

Met de steun van die raadgevend ingenieur verkreeg mijn echtgenoot brevetten in vele landen en zijn jongere broer, die fabrikant was in Plettenberg, kreis Altena, verzorgde de bedeling van de bokalen en de apparatuur. Onder zijn eerste klanten bevond zich een zekere meneer Johann Weck.

 

 

Deze toonde een levendige interesse voor onze zaak en bestelde een wagen vol bokalen. Maar wij waren nog niet voldoende toegerust, om zo’n bestelling te kunnen leveren. Al onze financiële mogelijkheden werden opgeslokt door het verwerven van brevetten, de bouw van een opslagplaats, drukwerk en publiciteit. Mijn echtgenoot werd ernstig ziek en overleed op de leeftijd van 34 jaar.

Albert Hüssener, de directeur van de eerste benzeenfabriek in Duitsland ( mijn man heeft er nog gewerkt ) meende een goede zaak te doen en stichtte de firma Hüssener.

Maar hij de maakte de fout om niet te investeren in publiciteit en omdat zijn droom dus geen realiteit werd, verkocht hij de zaak aan een van zijn relaties, meneer Johann Weck.

Ik had in Zabern in de Elzas, nog enkele honderden bokalen die ik regelmatig gebruikte, in bezit. Toen ik ze aan verschillende kennissen toonde, werden ze enthousiast en kort daarop bestelden ze allen hun eigen bokalen direct in Öflingen. Het duurde niet lang of een handelaar uit de Elzas verkreeg de tussenverkoop ervan.

Het is door mij dat ook in zuidelijk Afrika de eerste bokalen verschenen: zonen van vrienden die als officier in het bezettingsleger dienden, kregen van hun moeder nu WECK-bokalen met fruit, groenten en vlees.

Ik ben er 75 en nu nog interesseren die apparaten me sterk. Het maakt me blij te zien hoeveel nieuwe bokalen en apparaten in uitstekende staat worden geproduceerd. Ik heb dat trouwens zelf kunnen vaststellen toen ik gisteren aan mijn dochter als huwelijksgeschenk bokalen schonk.

 

Verleden, heden en toekomst van de firma WECK:

 

Foto’s van Johann Weck en Georg Van Eyck

 

 

De naam Johann Weck verscheen voor de eerste maal na de ontdekking van het procédé en de homologatie ervan.

Johann Weck, geboren in 1841 in Schneidheim, in het Taunusgebergte, (Duitse deelstaat Hessen) installeerde zich in 1895 in Öflingen nabij Säckingen, in het land van Baden, bij de Zwitserse grens, nadat hij van directeur Hüssener het brevet “Rempel” had afgekocht.

Johann Weck was een notoir vegetariër en neen fervent adept van het alcoholvrij leven. Met zijn producten wou hij de gesel van de alcoholverslaving, die toen welig tierde onder de bevolking, sterk verminderen. Thans zouden we hem kunnen bestempelen als “ apostel van het natuurlijke” en als een voorvechter van een natuurlijke en gezonde levenswijze. In zeker opzicht was hij zelfs een buitenbeentje en dikwijls was hij wisselvallig: hij moest altijd in beweging zijn. De regio Baden met zijn vele boomgaarden, voldeed dan ook helemaal aan zijn wensen.

Johann Weck verkreeg als gepassioneerd volgeling van Dr. Rempel de exclusiviteit van de nieuwe steriliseerbokaals en de bijhorende apparatuur voor gans Duitsland. Tenslotte kocht hij van Hüssener het ganse bedrijf, t.t.z. heel de onderneming met het brevet van de sterilisatie. En zo besliste Johann Weck om zijn eigen firma te stichten in Öflingen in Baden om van daaruit in gans Duitsland te leveren.

Hij werd zich al echter heel snel ervan bewust dat hij die hele zaak niet alleen kon runnen. De handelsactiviteit en de nodige planificatie voor een uitbreiding van dergelijke omvang, waren niet zijn sterkste punten. Daarom zocht hij een medewerker en vond die in een handelaar uit Emmerich em Niederrhein, aan wie hij reeds vroeger de lokale vertegenwoordiging van zijn producten had toevertrouwd.

 

Deze handelaar, Georg van Eyck, geboren in 1869 in Emmerich, was reeds vanaf zijn jeugdjaren geïntegreerd in de ouderlijke handelszaak van porselein en aardewerk. Reeds heel jong beschikte hij over die commerciële intuïtie die de nood van de klant herkent. En zo gebeurde het dat omstreeks het midden van de jaren negentig, hij het nieuwe product dat Johann Weck aanbood bij de handelaars van porselein en aardewerk, nl. de steriliseerbokaal WECK, in zijn verkoop opnam.

Maar omdat Johann Weck geen commerciële feeling had en niets afwist van publiciteit voeren, bleven zijn aanbiedingen zonder reactie, met uitzondering van de firma van Eyck in Emmerich.

In twee jaar tijd had Georg van Eyck aan de huisvrouwen van Emmerich, van Wesel en omstreken meer WECK-bokalen verkocht, dan alle andere Duitse handelszaken samen.

Hij was vooruitziend en met z’n nuchter verstand had hij enerzijds het belang ingezien van dit nieuwe procédé in het huishouden en anderzijds zag hij ook nieuwe mogelijkheden om aan de huisvrouw de kans te geven om bokalen te kopen door ze te laten proeven van praktische demonstraties die het koopgedrag begunstigden. Bijgevolg bedankte Georg van Eyck vaak de vrouwen van Emmerich, van Wesel en omstreken omdat ze hun steentje hadden bijgedragen om het principe van “ conserven maken” wereldwijd te verspreiden. Want zij hadden het belang van het WECK-proces in het aanleggen van de huishoudvoorraad goed ingeschat.

Door dit succes was het dan ook logisch dat Johann Weck aan zijn talentrijke klant Georg van Eyck vroeg wat hij juist deed om zoveel WECK-bokalen te verkopen.

Nadat Georg van Eyck hem zijn werkwijze had uiteengezet, vroeg Johan Weck hem dan ook spontaan of hij zich niet wou komen vestigen in Öflingen – Baden en of hij niet van daaruit de verkoop van WECK-bokalen in gans Duitsland wou organiseren.

 

Georg van Eyck nam het voorstel aan en stichtte samen met Johann Weck op 1 januari 1900 – op de drempel van de 20ste eeuw –in Öflingen ( het huidige Wehr-Öflingen ) de firma Johann WECK en Co.

Hij bouwde zijn zaak uit zonder ophouden en breidde ze uit in de naburige landen zoals Oostenrijk, Hongarije, België, Nederland, Luxemburg, Zwitserland en Frankrijk. Niets kon zijn standvastigheid aan het wankelen brengen, zelfs niet het vertrek van Johann Weck die in 1902 zijn aandeel afstond omwille van persoonlijke en familiale redenen voor een rijker licentiecontract.

Georg van Eyck vormde zijn eigen medewerkers en organiseerde overal de bekendmaking en de verkoop van WECK-bokalen en –apparatuur, op basis van dezelfde principes die hij vroeger zelf had toegepast en die hem goed gelukt waren.

Hij nam leraressen huishoudkunde in dienst, die in de scholen, de parochiezalen en hospitalen praktische stages met bokalen en apparatuur voorstelden. En terzelfder tijd liet hij niet na om de bokalen, de ringen, de steriliseerapparaten, de thermometers en de andere verwante gebruiksvoorwerpen, die hij onder het merk “WECK” commercialiseerde, te optimaliseren.

 

Met het merk “WECK” schiep hij één van de eerste merkartikelen in Duitsland en lanceerde hij zich in een weldoordachte publiciteit, waarbij het woord “WECK” verbonden werd met het symbool van de aardbei om een echt merkartikel te creëren. Dit label wordt vandaag de dag nog altijd gebruikt.

Enkele jaren na het oprichten van zijn bedrijf, erfde Georg van Eyck een kleine glasfabriek in Friedrichshain bij Cottbus. In de loop der jaren maakte hij hiervan een relatief grote en voor die tijd goed presterende onderneming.

Gedurende de eerste vier decennia en tot het einde van wereldoorlog II werden er honderden miljoenen WECK-bokalen geproduceerd, zonder dewelke men in Duitsland en in Europa in het huishouden niet efficiënt voedingswaren had kunnen bewaren, en dit toch in de zware tijdens van de twee wereldoorlogen.

 

De oudste bokaal van bij Weck, gevuld in 1897

 

 

Met de twee wereldoorlogen onderging de firma WECK toch een ernstige tegenslag.

Bij het uitbreken van de eerste wereldoorlog werden alle handelsbetrekkingen met Europa en Amerika brutaal onderbroken en op het einde van de tweede wereldoorlog werden de drie glasfabrieken van de WECK-firma, die zich in het Oosten bevonden zonder enige schadeloosstelling geconfisqueerd. Het betrof de fabriek Friedrichshaim bij Cottbus, de fabriek Wiesau en de fabriek van Penzig nabij Görlitz.

Na de tweede wereldoorlog bouwde men in het Westen, in Bonn-Duisdorf, een nieuwe glasfabriek WECK, die in 1950 de productie van de WECK-bokalen hervatte. Deze nieuwe fabriek in Bonn-Duisdorf is tegenwoordig nog altijd eigendom van de kleinkinderen van de stichter Georg van Eyck en heeft zich ondertussen, dankzij de automatisatie ontwikkeld tot een zeer bloeiend bedrijf.

Er worden niet enkel de traditionele WECK-bokalen gemaakt, maar ook flessen en industriële bokalen voor de verpakkingsnijverheid, en zeker niet te vergeten de glazen WECK-klinkers die omwille van hun kwaliteit, zeer gewaardeerd worden in de bouwnijverheid en de decoratie-wereld.

 

Uittreksel uit “ Livre Weck de la Stérilisation, comment stériliser correctement et sûrement “ [ Boek Weck van de sterilisatie, hoe juist en zeker te steriliseren ] uitgave 2008.

 


Scroll